In de dans kwamen alle denkbare menselijke relaties voorbij. Gisterenavond. We waren in de schouwburg in Hoorn bij de voorstelling Scala van het Scapino Ballet uit Rotterdam. Een troep super gedisciplineerde dansers scheerde tussen even zo veel danseressen door, als op zoek naar die ene partner, de ware, die nog niet naar voren was getreden. Als een zwerm spreeuwen diagonaal over de vloer, van rechts naar links, tegen de vrouwen in, tussen hen door, gelijk met elkaar op, draaiend en wentelend, de handen begerig naar voren uitgestoken. Soms ontmoette een hand een lichaam en dan draaiden er twee naar buiten de groep, voor een licht en opgewonden duet, dat zelden goed afliep en dan eindigde in smartelijk neerzijgen, waarbij de een de ander tenslotte verloor. Soms aan weer een ander.

In het jaar 2018 bestaat de Nederlandse Kring van Beeldhouwers precies 100 jaar. In een eeuw tijd is de Kring gegroeid van een vakbond voor beeldhouwers naar een eigentijds netwerk van individuele leden. In al die jaren is één activiteit constant gebleven: het presenteren van de leden en hun werk in tentoonstellingen door het hele land.

Lees verder onder "Aanbevolen"

De vraag ‘Wat is het’ wordt bij elke sculptuur telkens opnieuw gesteld. De titel van André Voltens beeld H-Balken benoemt precies wat het is: een verzameling stalen balken met een H-vorm. De titel doet geen enkele voorstel of er ook nog sprake is van een andere inhoud, een ander onderwerp, een boodschap of verborgen betekenissen.

Techniek

De vraag naar de invloed van techniek is al zo oud als de mens. Zonder techniek geen verzamelen, geen jagen, geen bouwen, geen cultuur. Altijd is er angst voor techniek: dat techniek ‘iets gaat doen met ons’. Maar de mens is altijd zelf de bestuurder van de techniek.
Giettechniek bracht zowel het zwaard als de ploegschaar voort. Techniek ontwikkelde het schrift, de computer, de geheimtaal en de ontcijfermachines. De drone voor oorlogsmissies en de quadcopter voor gewascontrole.

Met alle respect leen ik nu een deel van een tekst die ik vond op internet en die me intrigreert als het om waarnemen gaat:

1)    Er zijn dingen
2)    Er zijn woorden voor, of niet.

Hoe komen de dingen aan hun woorden? Wij gebruiken titels, omschrijvingen en rubrieken. Of: waarom heet een paal een paal en een knaak een knaak? En is ‘paal’ een titel of een rubriek? Ik weet het niet want ik ben geen taalkundige.

Neem het beeldhouwwerk van André  Volten op het Frederiksplein in Amsterdam, voor de Nederlandse Bank: Deze  sculptuur heet:
“Monument voor A. Winkler Prins”
Op een bordje er bij staat: ‘door André Volten, 1970
Ter herinnering aan Anthony Winkler Prins 1817 / 1908, grondlegger van de Nederlandse encyclopedie. Aangeboden aan de stad Amsterdam door uitgeverij Elsevier op 9 oktober 1970 ter gelegenheid van honderd jaar Winkler Prins encyclopedieën’.

De eerste filmdag: het atelier van André Volten

In Amsterdam-Noord tussen de nieuwe, hippe gebouwen ligt het atelier van André Volten.
Van het atelier wordt binnenkort een prachtig museum gemaakt waar zijn werk te zien is.

Wanneer je, zoals ik hier doe, een basis-begrip formuleert voor een domein, dan bepaal je in feite een grens. Je perkt het gebied af waarover je spreekt en stelt dat alles dat niet voldoet aan het basisbegrip, niet behoort tot het gebied wat je bespreekt. Mijn basisbegrip voor het beschouwen van beeldende kunst is aanwezigheid.
‘Aanwezigheid’ is een erg breed begrip dat niet één, maar een aantal voorwaarden in zich verenigt: zo is er de aanwezigheid van het kunstvoorwerp, maar ook de aanwezigheid van de toeschouwer, de aanwezigheid van de ruimte, de niet-zichtbare aanwezigheid van de tijd, maar ook de niet-zichtbare aanwezigheid van een idee en haar mogelijke associaties. Er is zelfs de niet zichtbare aanwezigheid van de (kunst)geschiedenis.

Plan de campagne

Intussen vragen mijn vader en ik ons af hoe we onze crowdfund-actie aan de man kunnen brengen. Wie wil er in deze moeilijke tijden geld doneren aan óns project?
We begrijpen maar al te goed dat geld geven aan moderne, abstracte, niet-figuratieve kunstwerken, -behalve dan bij ons-, niet bij iederéén bovenaan de prioriteitenlijst staat.

Ik ga beginnen met het schrijven van een boek. Alle woorden zijn er al, ik hoef ze alleen nog maar in de juiste volgorde te plaatsen. De tekst is gemaakt door mijn vader. Mijn vader, die weleens pijnlijk grappig 'het kunstpastoraat' is genoemd, geeft lezingen en cursussen over kijken naar kunst. Dat doet hij meestal binnen de driehoek Bredelar, Amsterdam, Venetië.
Soms ook daarbuiten.

Dit is het begin!  We gaan de film maken, die we ons hebben voorgenomen. Daarna gaan we verder. We plannen zes tentoonstellingen in Museum beelden aan Zee, in 2017. Die vormen samen de locatie voor de cursus MZMK: Meer Zien in Moderne Kunst. Drie bijeenkomsten in het voorjaar, drie in het najaar. We houden u op de hoogte!

Chillida boekHomenaje a Bach 1996
Terracotta, H = ca. 40 cm
Eduardo Chillida
S.Sebastian, Chillida Leku

Het Mandarte-weblog "Meer Zien In Moderne Kunst"  heeft bestaan van juli 2007 tot en met september 2014.

In die periode zijn er tal van korte artikelen verschenen over veel verschillende onderwerpen, zolang het maar iets te maken had met beeldende kunst.

Het waren vooral achtergrondartikelen bij de cursussen, lezingen en excursies van Mandarte.

Ik ging me naarmate mijn proefschrift vorderde, steeds meer toeleggen op beeldhouwkunst.

In 2014 startte ik daarom een nieuw weblog: sculptuur.nu

Daar stel ik telkens één sculptuur centraal.

Dat is toch wel het minste dat ik kan doen tegenover alle energie en concentratie, die het maken van een sculptuur kost.

Daarnaast blijft er het denken óver sculptuur en beeldende kunst in bredere zin.

Zoals in dit blog over begrippen als dingen, woorden en aanwezigheid.

Die artikelen blijven voorlopig hier.

Ik hoop dat u ze blijft lezen.

En dat u af en toe reageert.

 

 

 

Tom-Claassen-OlifantDames en Heren,
Ik denk wel dat iedereen hier aanwezig, het werk van Tom Claassen kent. Bijvoorbeeld de beroemde olifanten bij Almere, of het paard in Utrecht. Natuurlijk kennen we ook allemaal de liggende houten mannen in het Kröller-Müller en de hangende houten mannen in de Anningahof. Dan is er nog de kwijlende hond in Tilburg en niet te vergeten de twee ongelooflijk zittende zwarte sneeuwmannen op Schiphol. U hoort het al: wat al die beelden gemeen hebben is een naam, en die naam zegt iets over wat je ziet. Het is niet alleen een naam, het benoemt tegelijkertijd het onderwerp. Daar komt nog iets bij: al deze beelden kennen wij omdat ze gewoon buiten, niet in een museum  staan. Zomaar ergens langs de snelweg, op een plein, of in een beeldentuin, in een stadspark of op een luchthaven. Zelfs kennen we een nijlpaard van Tom Claassen in een sluis in Amsterdam. Gewoon buiten, in wat wij, kunsthistorici noemen: de openbare ruimte.

MK-CP-Goes

Dames en heren, Geachte familie, Vrienden en vriendinnen,
Beste Maartje,

“Maartje Korstanje ontvangt de culturele prijs van de stad Goes”.
Even in laten werken: de culturele prijs. Niet: de kunstprijs, ook niet: de prijs voor de beeldhouwkunst, nee de prijs voor de cultuur. Iets voor iedereen dus, voor alle mensen, want alle mensen samen zijn de cultuur. En de prijs is bedoeld voor iets wat alle mensen raakt, niet alleen de kunstliefhebbers of beeldhouwfans.

Nijinski 150

 

Van ballet ben ik gaan houden door Rodin. Hij wees op het belang ervan, de schoonheid en de betekenis voor sculptuur. Hoewel die betekenis pas later door mij begrepen werd, het ging eerst vooral om de schoonheid. Misschien was het de fameuze studie naar Nijinsky, misschien waren het de tere, snelle aquarellen, zoals zijn serie Cambodjaanse dansers, die hij tekende in Marseille.
(De toeschrijving dateert van Rilke, Rodins ‘secretaris’ en wordt sinds 1980 door kenners betwist: de gebeeldhouwde houding zou niet behoren tot Nijinski’s repertoire).

De danser Nijinsky (?) 1912
Rodin
Gips  h x b x d = 18 x 9 x 7 cm
Parijs, Musée Rodin

Karin-Arink-Petrified-Nike-150

Petrified Nike  2011-2012
Karin Arink
Gekleurd en blank porselein, gebakken klei
en textiel

70 x 70 x 45 cm
Collectie kunstenaar

Soms brengt een kunstwerk je van je stuk. Nog voor je het goed bekeken hebt roept het al een emotie in je op. Wetenschappers maken onderscheid tussen emotie en gevoel: emotie is je lichamelijke reactie: je hart klopt sneller, je bloost, je raakt opgewonden. Gevoel komt daarna, het is het bewust worden van je emotie, dat het tot je doordringt dat je opgewonden bent, of verlegen.
Hoe dan ook gaat het om ervaren, in de betekenis van gewaar worden. Dat heeft te maken met leren-door-ondervinding. Iets opnieuw tot je toelaten dat ooit eerder heeft plaatsgevonden en je dat (opnieuw) bewust worden. Beeldhouwkunst maakt daar bij uitstek gebruik van. En Karin Arink ook.