Het Diakenhuismannetje

Damen, J. en Damen, S.
(mandarte essay 040603)
40 p. Ill. 210x150mm
Mandarte Hoorn,
ISBN 978-90-79706-01-3
 

(Voorwoord.)
    
    Ik hou van beelden.

    Mijn kijken ben ik gaan wantrouwen. Ik doe het veel te snel en veel te kort. In een oogopslag zie ik  waar de maker soms maanden of jaren mee bezig is geweest. Vaak laat ik me afleiden door teksten die het beeld begeleiden. Hoe het beeld heet bijvoorbeeld, of wie het gemaakt heeft, en wanneer. Meestal heb ik daar niets aan. “Oh ja”, denk ik dan, en vervolg mijn weg.

Soms is er meer tekst, een pamflet van het museum of een toelichting van de galerie. Dan ga ik  het beeld  zien ‘zoals het hoort’ omdat het door kenners zo is opgeschreven. “Zo, zo”, denk ik dan, en vervolg mijn weg.
Ook dat lezen ben ik gaan wantrouwen. Ik doe het te vroeg, voordat ik goed gekeken heb, of ik hecht er teveel waarde aan, en geef mijn eigen activiteit te weinig kans.

Ik ben dat kijken en lezen vooral gaan wantrouwen, omdat het de beelden van mij verwijdert. Mijn inleven ebt weg, en ik blijf achter met niet meer dan een paar verwarde indrukken.
   

 
Ik wil naar kunst kijken met al mijn zintuigen, mijn taal en mijn gevoel. Mijn zintuigen en gevoel, maar ook mijn taal, gaan meestal hun eigen weg. Ik heb er weinig controle over.
    Tenzij ik me er heel bewust mee ga bemoeien. Dan isoleer ik het voorwerp, en ondervraag mezelf.
    Wat ik voel, zie, ruik en hoor, blijkt van grote invloed op mijn waarnemen van het beeld. En zo mogelijk nog groter is de invloed van de woorden die in mij opkomen, als ik nadenk over wat ik zie. En dat is nooit hetzelfde. Ik ervaar beelden elke keer weer anders.
    Zó naar kunst kijken betekent dat de kunst in mij een proces op gang brengt, waarvan de uitkomst ongewis is. Er ontstaan allemaal oncontroleerbare gevolgtrekkingen, waarvan de uitkomst ‘het kunstwerk volgens mij’ is.
    Misschien bewijs ik het beeld en mijzelf een dienst, wanneer ik enige structuur  aanbreng. Zodat ik niet meer klakkeloos aanneem wat erover wordt gezegd, en ook niet, wat ik zelf zomaar bedenk. Ik wil de beelden duidelijker zien, en dichterbij brengen bij mijzelf.

Misschien dat opschrijven helpt.